zondag 27 december 2015

Trailrunning over koninklijke renbaan

Oudjaarsdag is een spannende dag voor mij als hardloper. Ik loop dan de langste afstand van de Winterwisenttrail, 23 kilometer door het Ordenbos, de Kroondomeinen en Park Berg en Bos. En dat is spannend om verschillende redenen.

23 kilometer over asfalt vind ik een verrekte lang stuk. Een afstand die ik eigenlijk vrijwel nooit train. En op dit moment zit ik in mijn trainingsopbouw ook nog maar op een kilometer of 17. Over asfalt. De Winterwisenttrail kent geen asfalt, is niet vlak en pakt oneindig lang smalle bospaadjes, mulle ruiterpaden of mountainbiketracks. Daar moet ik maar ingaan met een marathonmentaliteit. Per slot van rekening zit er in een trainingsschema voor een marathon ook nooit een duurloop van 42 kilometer. It's gonna hurt, maar ik doe het mezelf aan..

Als liefhebber van de Veluwse natuur ken ik verschillende stukken bos als mijn broekzak. Hoewel het parcours pal tegen Apeldoorn aan ligt, zijn er maar een paar stukjes in de route waar ik eerder geweest ben. Oftwel: ik weet niet wat me te wachten staat. Foto's op Facebook van de routeverkenning, waarbij met handen en voeten steile hellingen beklommen moeten worden, joegen me flink de schrik aan.

Wat ik erg tof vind, is dat de 16 en 23 kilometerroutes ook lopen over wat in 1844 nog een paardenrenbaan was van de prinsen Willem III (later koning) en Alexander, zonen van koning Willem II. Samen met adellijke vrienden uit heel Europa hielden ze zich bezig met de valkenjacht (er werd gejaagd op reigers) en vermaakten ze zich met het rennen met dure paarden. Daarvoor werd gedurende 4 jaar een baan gebruikt op het Orderveld. Na deze periode werd een nieuwe baan aangelegd tussen de Echoput en het Aardhuis, een stukje noorderlijker. Dat zag er toen zo uit:


Loop je op Oudjaardag de Winterwisenttrail kijk dan als je telefoon piept bij 9 kilometer (de 16-km-lopers) of tussen 10 en 11 kilometer (de 23-km-lopers) eens naar links. Met een beetje geluk kan je dan iets tussen de bomen zien, wat op sommige kaarten nog staat aangegeven: de Tribune. Dat zag er een paar jaar geleden zo uit:


Omdat de trail grotendeels door dichte bossen loopt, is het nauwelijks voor te stellen dat dit in 1844 nog een hele open vlakte was, met op sommige punten een fantastisch uitzicht. De dreiging dat het Veluwse stuifzand verschillende dorpen zou onderstuiven, wat het leven onmogelijk zou maken leidde vanaf eind 19e tot een grootschalige bebossing. Moet je eens kijken op kaartjes van 1900 en 1907 van hetzelfde gebied, waarbij in 1900 de renbaan nog zichtbaar was (midden boven op de kaart) en in 1907 al helemaal niet meer.


Tussen de Soerenseweg en de Asselseweg loopt een fietspad, het Lammertspad. Deze zullen we verschillende keren tegenkomen. Ook dit pad kruist de oude renbaan een paar keer. Benieuwd waar de renbaan nou precies gelopen heeft, ingetekend op de kaar van het trailparcours? Ik heb hem in de route van de 23 kilometer ingetekend, inclusief tribune.


Straks als ik aan het trailrunnen ben nog maar even goed opletten als ik door het bos stuif. Wie weet zie ik nog wat sporen terug van de luxe hobby van de Oranje-prinsen van 170 jaar geleden.




dinsdag 3 november 2015

(Vooral geen) kilometers maken

Ik ben op dit moment keihard aan het trainen voor de Zevenheuvelenloop. Ik zit namelijk op mijn luie kont op een zachte stoel achter mijn laptopje. Mijn lijf staat in de ontspan-stand. En rusten, dat is het nieuwe trainen. Wedden?

Wekelijks krijg ik allerlei nieuwsbrieven van loopbladen en -websites met tips, trucs, trainingen en lijstjes. 10 Gerechten die je sneller maken. 7 Dingen die je niet mag vergeten als je morgen een wedstrijd hebt. 5 Doodzondes van de gemiddelde hardloper. En ja hoor, daar stond ie! "Te weinig rust nemen." En laat ik me daar (qua hardlopen) nou net niet schuldig aan maken..

Na een paar jaar ietwat ontevreden naar mijn aantallen kilometers te hebben gekeken, moest het er dit jaar maar eens van komen: minimaal 1.000 kilometer hardlopen. Een kilometer of 20 in de week. Dat moet geen probleem zijn bij 3 keer in de week lopen. Zelfs goed haalbaar bij 2 rondjes rennen wekelijks.

De teller staat na 10 van de 12 maanden op 580 kilometer. Het lijkt er verdacht veel op dat ik rond de jaarwisseling net als in 2014 en 2013 rond de 700 kilometers uitkom. Wat een luilak ben ik toch.

Of..of is het feit dat ik gewoon niet aan meer dan 1 rondje per week toekom door een druk gezin, een fulltime baan een tijd vretende vrijwilligersjob bij Staatsbosbeheer mijn redding, mijn voorbehoedsmiddel dat blessures en overtraining tegengaat?

Ja dat is het! Ik heb nooit blessures, ik ben altijd uitgerust als ik aan mijn volgende training begin, haha wat een vinding zeg!

Maar wacht eens even. Alle geleerden zijn er over eens dat je met 3 trainingen in de week je conditie opbouwt. Dat 2 trainingen niet meer en niet minder dan een beetje onderhoud is en dat 1 training per week.. ach, welke sukkel loopt er nou slechts 1 keer per week, afgezien van prille beginners?

Hoe komt het dan dat op alle afstanden die ik dit jaar gelopen heb, mijn persoonlijke records dit jaar gevestigd zijn? Op zowel de 5, 10 als 15 kilometer heb ik al jaren lang een progressie van zo'n 5% per jaar. Dat zwakt niet af, zeker op de 5 en 10 kilometer heb ik juist dit jaar nog wat meer dan 5% van mijn beste tijd afgesnoept. Met mijn dozijn kilometertjes per week.

Wie het weet mag het zeggen. Tot die tijd, chill en relax ik me naar mijn volgende wedstrijd toe en loop ik daar fris en fruitig al mijn oude tijden uit de boeken.


vrijdag 24 juli 2015

Ik doe nog mee

De titel van deze blog kan makkelijk slaan op het feit dat het alweer driekwart jaar geleden is geweest dat ik een hardloopblog schreef. 'Zou hij de pijp aan Maarten gegeven hebben, nadat zijn aspiraties op de Zevenheuvelenloop in rook opgingen door haperende longen?', kunnen trouwe lezers denken, maar nee... Ik doe nog mee.

Ik moet wel zeggen dat de gezondheid en dan vooral van de luchtwegen het loopplezier afgelopen winter flink in de weg hebben gezeten. Maar langzamerhand zag ik dat de afstanden en de snelheid van weleer weer terug zijn. Ik doe nog mee.

Samen met mijn oudste zoon trainen voor de 8 van Apeldoorn en hem vervolgens ook samen lopen was een wens die ik in eerdere blogs al eens beschreef. De route van 'de 8' is dit jaar vernieuwd en kan kortweg beschreven worden als: 4 kilometer klimmen en 4 kilometer dalen. Klimmend zag ik mijn zoon langzaam van me weglopen. Maar dalen is een absolute specialiteit van me, dus kon ik hem snel weer terugpakken. Op de Loolaan constateerde ik tevreden dat ik hem ondanks de slechte longen die dag nog mooi was voorgebleven... totdat ik op de finishlijn een flinke klap op de schouder kreeg. Yep, daar was-ie. In exact dezelfde eindtijd. Mijn zoon.

Half juli is traditioneel het moment om deel te nemen aan Voorthuizen Loopt. Zoon1 en zoon2 hadden zich ingeschreven voor de 5 kilometer. Nadat zoon2 vorig jaar het familierecord scherp zette (op 20'23) was dit mijn kans op revanche. Naast mijn zoons deden ook nog 2 broers en een neefje mee. Gezellige boel. Maar ergens kreeg ik het onderbuikgevoel dat ik na de 3 youngsters wel eens genoegen moest nemen met de titel 'snelste volwassene van de familie', ook al had ik flink getraind om voor het eerst onder de 20 minuten te lopen.
D-day brak aan en de temperaturen klommen tot grote hoogte. Als koud-weer-loper konden alle schema's de ijskast in en was het met veel water voor, tijdens en na het lopen de schade beperkt houden. Al na 100 meter hadden mijn beide zoons zich sneaky op 10 meter achter me gepositioneerd en liepen ze mijn tempo mee. Okay, eigen race lopen dan maar. De route van Voorthuizen Loopt bestaat uit ronden van 2,5 kilometer en precies na 1 ronde dribbelde zoon2 me met een grote grijns op zijn gezicht voorbij.

In de felle zon kon ik niet aanhaken zonder mezelf op te blazen en hij kon bijna 100 meter uitlopen. Halverwege de ronde is er een kilometer met schaduw. Dat was mijn laatste kans. In de relatieve koelte zette ik alles op alles om naar hem toe te lopen en zodra we het dorp weer inliepen, was mijn achterstand nog slechts 10 meter. In de laatste bocht voor de finish keek mijn zoon om en schrok dat ik zo dichtbij was. Met een eindsprint vloog hij over de meet. 3 seconden later gevolgd door zijn vader. Binnen 20 seconden was ook zoon1 binnen en konden we met rode hoofden onze medailles in ontvangst nemen.

3 seconden. Wat is nou 3 seconden? Een meter of 10 à 12. De revanche is niet gelukt, maar ondanks dat kan ik zeggen: ik doe nog mee.